Spring naar inhoud

Luister naar mij!

Wie je bent, ik weet het niet, O Systeem. Steeds vaker zie ik je webportalen die ik moet dienen, het worden er steeds meer en ze kennen geen medelijden: goed is goed en fout is fout, met alle consequenties van dien!

Heel soms zie ik nog de mensen die het werk voor je doen, maar ook zij weten niet wie je bent en kunnen mij niet altijd de weg wijzen. En daarom richt ik dit gebed tot jou, O Systeem.

Want ik zou zo graag voelen dat ik ertoe doe, zoals iedereen ertoe doet.

Luister dus naar mij.

Naar jou luisteren we al: Luis - te - ren!, op die manier dus. We doen wat moet, we laten wat verboden is, meestal dan. We gedragen ons zoals je dat van ons verwacht. Heb je dat wel in de gaten, hoe goed wij luisteren? Begrijp je dat wel?

Maar luister jij eigenlijk wel naar mij?

Ach, ik ben maar één van zovelen! Nee, natuurlijk luister jij niet naar ons, we zijn gewoon met teveel.

Maar luister je wel naar ons samen? Ja, als we kabaal maken, zoveel kabaal dat je wel móét luisteren. Maar dat bedoel ik niet.

Kunnen we je vertrouwen? Dat ligt moeilijk, je luistert immers niet, zolang we geen kabaal maken. En ook dan: begrijp je wel waarom we dat kabaal maken?

Ik vraag niet van je dat je altijd doet wat ik wil, maar wel dat ik je moet kunnen begrijpen, want alleen dan kan ik je vertrouwen. En niemand verwacht dat je het altijd weet, dus vertel me je dilemma´s en je ideeën. Vertel en ik zal luisteren. Maar luister dan ook naar mijn verhaal, en probeer om ook mij te vertrouwen. Want dat doe je niet hè, mij vertrouwen.

Gek dat je luisteren zo moeilijk vindt, want zó makkelijk is het niet om alles te moeten bepalen. Wat je bedenkt komt op jouw conto: wat mis gaat is jouw schuld. Waarom luister je dan niet naar mij? Misschien kan ik wel helpen!

Om mij gaat het niet eens, het gaat om ons allemaal, met al onze ideeën, onze eigen ideeën waarmee we ieder voor zich onszelf bijzonder voelen, maar juist ook weer verwant met anderen, want ideeën brengen mensen samen. Ik hoop altijd dat ik een idee niet alleen heb, maar vaak weet ik dat eigenlijk niet, ik heb ‘geen idéé´. Heb jij dat nooit, dat je een idee hebt, helemaal in je eentje? En wat doe je dan? Probeer je anderen te overtuigen van je idee of zoek je naar anderen die het begrijpen, die het verder helpen? Of zoek je misschien zelfs anderen die dit idee al hadden en die al verder zijn met erover na te denken? En als iemand jouw eigen idee aan je komt uitleggen, wat doe je dan? Zoek je dan de verschillen of zoek je de overeenkomsten?

Een nieuw idee kan best raar zijn, en is dan teer en kwetsbaar, maar toch, een echt idee kan voortleven, groeien en zich vermeerderen, doordat het gehoord wordt en begrepen. En daarom: luister naar mij, naar ons, naar iedereen; wij zullen naar jou luisteren. En we begrijpen dat je niet iedereen kunt horen. We kunnen je helpen met luisteren, want een goed idee, dat vertellen we verder, aan elkaar, aan jou, zodat het groeit. Van mijn idee of jouw idee naar het idee van ons, misschien wel van allen, al kennen we elkaar nog niet. Onze ideeën zullen ons bij elkaar brengen!

En geef je óns antwoord, dan voel ík mij gehoord. Meer dan dat vraag ik eigenlijk niet.

En daarom, O Systeem: Luister naar mij!

(alsjeblieft!)